zondag 10 juni 2012

Desoriëntatie 1: Dyslexie


Dyslexie wordt ook wel eens woordblindheid genoemd. In een toets, die ik destijds tegenkwam, met betrekking tot nieuwetijdskinderen, werd onder andere als kenmerk dyslexie genoemd. Mijn moeder vertelde mij dat ik vroeger ook dyslectisch was. Nu heb ik daar af en toe nog ’last’ van. Soms denk ik dan dat er een bepaald woord staat, terwijl daar dus in werkelijkheid een heel ander woord staat. Het woord lijkt er dan kennelijk op en mijn hersens geven daar dan een speciale draai aan.  In “De gave van dyslexie”  schrijft Ronald Davis waarom kinderen met een intuïtief bewustzijn vaak dyslectisch zijn of verschijnselen hiervan vertonen. Ook beschrijft hij wat er eventueel aan gedaan kan worden. Hij noemt desoriëntatie als oorzaak voor het niet kunnen lezen en rekenen (dyscalculie).  Dyscalculie komt in een andere column aan bod. Mensen met deze desoriëntatie zijn niet in staat om hun  plaats te bepalen ten opzichte van hun omgeving. Dit is bijvoorbeeld te vergelijken met  geluid, waarvan je niet precies weet waar het vandaan komt. Dit verschijnsel treedt op wanneer iemand te veel prikkels te verwerken krijgt of wanneer hersenen tegenstrijdige informatie ontvangen van verschillende zintuigen.  Desoriëntatie is dus een normaal verschijnsel, maar volgens Davis maken dyslectici hier onbewust gebruik van om multidimensionaal waar te kunnen nemen. Als baby zouden ze al in staat zijn om op deze wijze vanuit meer dan één perspectief waar te nemen, waardoor ze meer informatie binnen krijgen dan anderen. Veranderde waarneming  stelt hen ook in staat gebruik te maken van creatieve verbeelding. Vaak hebben dyslectici dan ook andere talenten, juist omdat hun wijze van ordening en waarneming zo anders is. Beroemde dyslectici zijn: Albert Einstein, Walt Disney en Jan des Bouvrie.  In ‘Nieuwetijdskinderen’ schrijft Carla Muysert het volgende met betrekking tot dyslexie: “Desoriëntatie kan iemand zeer origineel of vindingrijk maken, maar wanneer iemand gebruik moet maken van rekenen of taal, creëert dit ook de mogelijkheid tot het ontwikkelen van leerstoornissen. Op papier gedrukte letters en cijfers van de boven- of onderkant bekijken of tekens door elkaar heen gooien, maakt lezen en rekenen immers onmogelijk. Het onderwijs gaat vanaf groep drie uit van een logisch-analytische benadering van zaken. Soms wennen kinderen vanzelf na een jaar of acht aan deze benadering, verschijnselen van dyslexie verdwijnen dan grotendeels of komen dan minder vaak voor.” Er zijn verschillende therapieën mogelijk voor kinderen met dyslexie, zoals onder andere David Counseling en BD therapie.  

Onderzoek welke therapie het beste bij het kind past.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten